Intranet document Ziekenhuis St Jansdal Harderwijk

Titel

Pericardiocentese, protocol verpleegkundigen

Doel:

Verwijderen van pericardvocht.

Definitie(s):

Het aanprikken van de pericardholte teneinde pericardvocht af te zuigen voor diagnostiek of ter behandeling van tamponade

Doelgroep:

Verpleegkundigen IZ.

Uitvoerenden:

Verpleegkundigen IZ.

Indicaties:

  • Behandeling van harttamponade.
  • In zeldzame gevallen wordt de procedure ook wel puur als diagnosticum uitgevoerd, dus om pericardvocht te verkrijgen voor diagnostiek.

Contra-indicaties:

Ernstige stollingsstoornissen.

Benodigde materialen:

  • Röntgendoorlichting.
  • Monitor/defibrillator.
  • Pericardpunctieset. (peri-vac set)
  • Subclaviaset.
  • Lidocaïne 1%, opzuignaald, groene naald, 10 cc spuiten.
  • Punctienaald (zelfde als in subclaviaset).
  • Mesje 11.
  • Steriele gazen.
  • Hechtmateriaal.
  • Tegaderm en leukoplast.
  • Vacuümfles + aansluitlijn (denk aan de aansluiting op de catheter: Luerlock vrouwtje.
  • 50 cc spuit.
  • 2 setjes aanvraagbonnenlab en 5 stickers
  • 4 'kweekpotjes' voor diagnostiek:
    Cytologie, kweek + cito gramproparaat, Virusbepaling, Hb, Glucose.
  • Zie eind protocol voor de verwerking.
  • Groene vuilniszak.

 

Werkwijze.

 

Voorbereiding:

  • In geval van coumarinegebruik: laatste INR?
  • Patiënt zoveel mogelijk geruststellen.
  • Monitor aansluiten.
  • Venflon inbrengen.
  • Met extra kussens en ruggensteun (op röntgenafdeling beschikbaar) patiënt in halfzittende houding neerleggen met onbloot bovenlijf.
  • Een vlak van 30 bij 30 cm joderen rond het xyphoïd.

 

Handeling:

De cardioloog kleedt zich steriel en dekt af. Er wordt locaal verdoofd naast de processus xyphoˆÉ¬Ødeus, waarna er een incisie van enkele millimeters wordt gemaakt. Daarna wordt met de punctienaald de pericardiale ruimte aangeprikt, waarna gecontroleerd wordt of er geen bloed in plaats van vocht wordt aangezogen. Via de Seldinger methode wordt de pigtailcatheter onder doorlichting in de pericardiale ruimte gebracht, daarna kan het aftappen een aanvang nemen.
Hierbij worden telkens porties van 50 cc verwijderd. De eerste spuit wordt geleegd in de diverse flesjes voor diagnostiek, de volgende porties worden geleegd in een nierbekken, reken hierbij op 500 - 2000 cc, dit kan vrij veel tijd nemen.
Als er geen vocht meer kan worden aangezogen wordt de vacumdrain aangesloten, de catheter wordt vastgehecht en afgeplakt.

Het pericardvocht wordt geanalyseerd:

Cytologie:

Voor cytologie, pericardvocht in een kweekpotje doen en 1:1 verdunnen met 70% alcohol. Koel wegzetten. Zo spoedig mogelijk naar de POK brengen met PA-formulier (getekend door de arts) aangezien het naar het Meander Medisch Centrum moet worden gestuurd.

Virusbepaling:

Voor virusbepaling een kweekpotje met serologie/virologie-bon en extra sticker naar het bac. lab. brengen.

Bacteriologie:

Voor intensive care kweek en cito grampreperaat een kweekpotje met bacterologiebon naar het bac. lab. brengen.

Groene labbon: voor Hb en Glucose.

 

Nazorg:

Controles:

  • Afhankelijk van de onderliggende ziekte. Het betreft nogal eens pericarditis carcinomatosa, in dat geval gaat de patiënt terug naar zijn of haar eigen afdeling. RR-controle na één en na twee uur volstaat dan, daarna drie keer per dag en op indicatie.
  • Soms is ritmebewaking zinvol, dat wordt per geval afgesproken.
  • Standaard controle (en eventuele verwisseling) van de drainfles.

Complicaties:

  • Laesie van coronairvat of graft, rechter kamer
  • Harttamponade
  • Pneumothorax
  • Ritmestoornissen
  • Infectie

Opmerkingen:

-

Gerelateerde documenten:

-

Bronnen:

-

Verslaglegging:

Bijzonderheden noteren in het zorgdossier.

Informatiemateriaal:

-

 

Protocol eigenaar:

R. Dijkgraaf, cardioloog

Publicatie datum:

23-5-2003